Over Mariahoeve

Mariahoeve vormt een overgang van landelijk naar dicht stedelijk gebied.

Mariahoeve is gelegen aan de Noordelijke rand van Den Haag en vormt een overgang van landelijk naar dicht stedelijk gebied. In de wederopbouwperiode na 1945 werden de uitbreidingswijken gebouwd vanuit een stellig geloof in een maakbare samenleving.

Opzet van de wijk

Bij het idee ‘De Nieuwe Stad’, behorend bij de stroming van het Functionalisme, stond goede infrastructuur met veel licht, lucht en ruimte voorop.

Hiermee kreeg het merendeel van de bevolking voor het eerst de kans te gaan wonen in ruim opgezette woonwijken met veel groen. Mariahoeve is vanuit deze visie in 1953 ontworpen als ‘Parkwijk’ door Ir. Frits van der Sluijs. In grote stadsuitbreidingen was het een gangbare methode dat de architect/steden bouwer zelf ook alle grote groenelementen ontwierp.

De wijk is gebouwd op veen, klei en zand. De bodem is de basis voor de keuze welke boomsoort geschikt is. Bij het stedenbouwkundig ontwerp is gekozen voor zowel park- als polderbomen. Op de bodematlas van de gemeente Den Haag kun je zien waar nu nog zand dan wel klei of veen in de bodem aanwezig is.

De gelaagde bebouwing met hoogbouw werd geplaatst in een open groene structuur van een integraal ontworpen uitbreidingsplan.

De plantsoenen, struiken en bomen fungeren als groenstructuren, die dienst doen als verbindende factor en als contragewicht voor de etagewoningen en galerijflats.

Het groen in de wijk

Het groen in Mariahoeve is een van de beeldbepalende kwaliteiten, doordat het niet alleen als structurerend element is toegepast, maar ook tot in het hart van elke buurt doordringt.

Er staan meer bomen in de wijk dan er bewoners wonen. Het totale aantal van gemeente en privé bomen bij elkaar opgeteld komt op meer dan 15000 bomen.

In de jaren ’80 werd flink bezuinigd. In voormalige bloemrijke plant vakken op pleintjes werden groenblijvende heesters geplant, waardoor het plein een meer besloten functie kreeg.

Mede door privatisering van het grondeigendom werden en worden doorloop routes steeds vaker afgesloten door heggen, hekken of worden paden weggehaald. Toch heeft dit oorspronkelijke plan een groot deel van zijn kracht behouden.

Het grootste deel van de bomen is gepland tussen 1958 en 1974. Dit geldt als ‘volgroeid’. Tijdens de wandeling zult u zich verbazen over de monument-waardige bomen. Zo staat er een Paardenkastanje in het Park Vlaskamp die hier in 1930 al gepland is.

Wijkers en blijvers

Een deel van de verouderde aanplant uit de jaren ’60 wordt vervangen door nieuwe aanplant. Deze aanplant bestond in de periode rond 1958 uit snelgroeiende bomen, de zogenaamde ‘Wijkers’ en langzaam groeiende bomen, de zogenaamde ‘Blijvers’. Dit waren de Toekomstbomen. Voorbeelden hiervan zijn: Beuken, Eiken, Esdoorns, Iepen, Kastanjes, Platanen en de laagblijvende soorten als de Lindebomen, Meelbessen, Meidoorns en Prunus.

Als Pioniersbomen, Wijkers, werd gekozen voor: Populieren en Wilgen, ‘de Grote Reuzen’. Tot op de dag van vandaag staan er nog enkele bomen die als Pioniersboom aangemerkt waren.

Momenteel worden veel van deze grote reuzen gekapt, omdat ze aan het einde van hun levensduur zijn. Het geeft aan dat er een nieuwe fase is aangebroken. Dat betekent dat we in de wijk nu een keuze hebben met welk type bomen we de toekomst in willen: willen we grillige vormen, of met statige bomen de allure van de wijk onderstrepen of echte fruitbomen? Hoe kijken we aan tegen kleur en gelaagdheid? Of zetten we de biodiversiteit voorop? We nodigen u uit om op deze wijze de wijk Mariahoeve te ontdekken. De ontwerpers van nu zijn aan zet.

Vanwege de aankomende veranderingen in de wijk, waarbij leidingen moeten worden vervangen zal er zeker ook rekening gehouden moeten worden met de bomen en struiken.

Zelf bomen zoeken en plaatsen

Op de Haagse Bomen app kunt u de straatbomen opzoeken. Naast deze app voor gemeentelijke straatbomen ontwikkelt Den Haag ook een bomen app waarin particulieren een boom kunnen plaatsen.

Verder zijn er verschillende apps en sites om de Flora (alle planten in een bepaald gebied) te determineren, dit wil zeggen zoeken naar de naam van de plant en het vinden van een beschrijving van blad en bloem.

Om de waarde van de bomen te leren kennen worden er instrumenten ontwikkeld.

I-tree maakt de financiële baten van bomen op de omgeving inzichtelijk. Afkoeling temperatuurverschil, luchtzuivering, zuurstof en de wateropvang wordt berekend door oa. de kroon van de boom te meten, niet ieder boom vangt even veel water op of kan dezelfde hoeveelheid stikstof zuiveren.